Warhoofdredactie?

Media zijn hardvochtig. Eén mail, weliswaar van een iconische VRT-redactrice, was de basis van een hele mediarel, waarin de hoofdredacteur van het VRT-Journaal in vraag werd gesteld. 6 pagina’s in DM (DM, media.com, 27 februari); zelfs rekening houdend met de geprononceerde relvoorkeur van DM is dat veel.

                In haar mail van 7 maanden geleden, had Martine Tanghe haar schaamte, ongeluk, verdriet en boosheid uitgedrukt, omdat de VRT, toen, niet direct een verslaggever ter plaatse had, bij het neergeschoten wrak van de vlucht van Malaysian Airways. Er wordt nog wel melding gemaakt van “de dingen die de laatste maanden aan het gebeuren zijn”, zowel in de mail als in de krantenstukken, doch meer dan zeer vage insinuaties zijn het niet.

                Volstaat zulks om de hoofdredacteur als schietschijf aan te merken, en van het “kabaal” een hoofditem te maken? DM doet het breed, de andere media nemen het over. Niemand stelt echt in vraag of dit een nieuwswaardig item is. Een nieuwswaardig item zou, zeker, zijn, indien een hoofdredacteur ernstig disfunctioneert, en indien dat aantoonbaar is op basis van een solide en eensluidend dossier van aantoonbare en opeenvolgende feiten. Er is geen enkele gekende informatie die in die buurt komt,  toch ontstond een item.

                Ik kan volstrekt niet beoordelen of de heer Soenens een goed hoofdredacteur is van het VRT-Journaal, dat kan je eigenlijk alleen goed van binnenuit. Ik ken de man uit een enkel mediadebat, waarin ik vond dat hij, met zijn constructieve journalistiek, een eigenaardige uitspraak deed over criteria van nieuwsselectie. Ik zag hem als “onze Amerika-kenner” vaak op het scherm, een wat ongelukkige keuze van een hoofdredacteur. Ik vernam allerlei parafernalia uit zijn interviews in andere media over ’s mans maquilage, tatoos, cowboylaarsjes of gitaar. Totaal irrelevant, en wellicht een teken van een hang naar neveneffecten – ook overigens bij de journalisten die hem interviewden. En ik las over zijn gejen naar VTM, terwijl de mediawereld eigenlijk, langzaam maar zeker, die infantiliteiten achter zich aan het laten was.

                Dit zijn allemaal marginale elementen, die niet toelaten te oordelen over zijn hoofdredacteurschap. Toch matigen sommige journalisten van andere media zich zulk oordeel aan. Dat zegt iets over de staat van journalistiek: op een te dunne feitelijke basis te forse uitspraken doen is goed voor caféretoriek, doch faalt als journalistiek.

                Wordt zoiets door de hoofdredactie van DM geëvalueerd, of was bladvulling goed genoeg? Kan je het maken om bij een ander medium een brandje te stichten of aan te wakkeren, met journalistieke stukken die die naam niet waardig zijn? Behalve dat DM na de verkiezingen weer even Volksgazetterig een partijkrant werd, en nu als project heeft om de oppositie kritiekloos stem te geven, is er kennelijk geen journalisitek concept meer? Dat DM zijn journalistiek, marketinggewijs, als “zalm” aankondigde, voegt aan de impressie van stuurloosheid toe. En de redactionele anarchie van DM spoort wel met de vormelijke  warboel die men van de papieren krant gemaakt heeft.

Even terug naar de kritiek van Mevr. Tanghe – overigens op Twitter tegengesproken door haar collega Goedele Wachters. Doet het ertoe dat VTM snel een mannetje ter plaatse had, en VRT niét? Een vrouw of man ter plaatse kan, bij gelegenheid, een meerwaarde hebben, dat staat vast. Maar er zijn minstens even veel voorbeelden van “over naar onze correspondent ter plaatse”, die geen énkele meerwaarde hadden. Die stijlfiguur waren, of enkel nog beantwoordden aan de ijver om “de concurrent” te kloppen. Helaas, we zien er dagelijks voorbeelden van.

Redacties moeten kritisch zijn, maar ook over de inzet van de juiste middelen. De reflexen van vandaag schijnen nog terug te gaan op praktische omstandigheden van, zeg maar, 50 jaar geleden. Toen konden media zich nog onderscheiden door eens een redacteur naar elders te zenden; toen was zulke verplaatsing nog een halve heksentoer; toen was er nog meerwaarde in de exotiek, of het bijzondere.

In de globale wereld van vandaag hebben we feitelijk materiaal, geluid en beeld, met één druk van de knop. Media-agentschappen vehiculeren dagelijks duizenden berichten, met interviews, actualiteitsbeeld en duiding. Er zijn vele internationale netwerken met mannetjes en vrouwtjes ter plaatse die hun items internationaal aanbieden en die abonnementsgewijs voortdurend binnenstromen op de redacties. Kortom, het zal maar zelden het geval zijn dat een eigen man of vrouw ter plaatse méér kan waarmaken, pertinenter kan zijn, of relevanter dan wat, aan een fractie van de kost van een eigen zending, gewoon in de dagelijkse newsfeed binnenkomt. Dààr zit de betere beoordeling, en accuraat professionalisme, in een nauwkeurige afweging van wat je je kan op basis van bestaande internationale netwerken, en wat je, bij uitzondering, zelf moet doen – niet om het zelf te doen, maar omwille van een aantoonbare meerwaarde, in vergelijking met de aanzienlijke meerkost.

Louter exemplarisch, één voorbeeldje. Toen de Argentijnse kardinaal Bergoglio paus werd, stond onmiddellijk een VRT-redactrice in Buenos Aires. Journalistieke meerwaarde nihil, dat wil ook zeggen: weggegooid geld. Verkeerde efficiënte-beoordeling over de juiste inzet van schaarse produktiemiddelen, en over goed beheer van een redactioneel budget. Dat zijn vaardigheden waarover een hoofdredactie ook moet beschikken.

En wanneer een interne mail lekt uit een andere redactie, waar men misschien – omwille van de fenomenale middelen waarover die beschikt – wat afgunstig naar kijkt, is het ook niet verboden dat de redactie die het lek krijgt, enig professionalisme aan de dag zou leggen. Misschien betrof het maar een fait divers, of een interne afrekening, en had je je zes pagina’s ook kunnen besteden aan een onderwerp dat journalistieke moeite zou hebben gekost en je lezers een meerwaarde zou hebben verstrekt. Over de vraag of het VRT-Journaal een goed hoofdredacteur heeft, hebben we niets vernomen dat de moeite waard was, in de journalistieke standaard van DM hebben we weer wat inzicht. Is er bij DM eigenlijk een hoofdredactie?

Zieke vrijheid van mening of vrijheid van zieke mening

Tweeëntwintig voetballers hebben de kans gemist om het voetbalplein te verlaten. Een scheidsrechter  miste de kans om het begin van de wedstrijd uit te stellen. Een clubvoorzitter miste de kans om de wedstrijd te verdagen. Dertigduizend supporters misten de kans om de rug naar het vod te keren.

Trieste balans van schande. Niets te maken met vrijheid van meningsuiting, alles met gebrek aan ethiek. Als de verantwoordelijken falen, zegevieren de onverantwoordelijken.

Het ging niet om een zaak van algemeen maatschappelijk belang, maar om de doodgewoonste zaak in voetbal, een getransfereerd speler. Het ging niet om de uiting van een mening, maar om een weerzinwekkende analogie, een verheerlijking van of aanzet tot extreem geweld.

We hebben daar geen regels voor, aldus de Voetbalbond. Zo ver zijn we: regels, regels, regels. Zwak antwoord wanneer een minimale ethische reflex faalt.

Misten media niet de kans om dit beeld niet over te nemen? Moeten ze, steeds weer, weerzinwekkende beelden afdrukken, uitzenden en herhalen? Het is een moeilijk debat. Helaas  behoren zulke beelden tot de feiten van de wereld en zijn ze nieuws. Misschien zelfs steeds meer. Kan je dan verslag uitbrengen van wat in de wereld gebeurt, als je het beeld onthoudt? Ben je dan, door onthouding, een censor of een ethische held? Het is een debat dat gevoerd kan worden.

Dat is het debat in het kader van de onmiddellijke verslaggeving. Iedereen kende inmiddels het beeld al wel. Moet het dan, op tv nog op maandagavond en op websites, nog eens herhaald worden? De legitimatie van eerste uitzending, als die al geldig zou zijn, is daar al afwezig. Gebrek aan ethische moed?

Vrijheid van zieke mening is onverenigbaar met waarden. Vrijheid van zieke mening bestaat niet, net zomin als ‘het recht om te beledigen’ waarover – letterlijk – werd geschreven na de moordaanslag bij Charlie Hebdo. Zieke vrijheid van mening hoeft ook niet te bestaan. Rechtsregels moeten ons dan beschermen tegen de ergste uitspattingen, en formuleren het ethisch minimum, maar een gezonde ethische reflex moet voorkomen dat we te veel rechtsregels daarover nodig hebben.

Of is zieke vrijheid van mening een teken van een zieke samen-leving, waarin de vrijheid om van mening te verschillen ons niet meer verenigt, doch scheidt, onderscheidt en tegen elkaar het zwaard doet opnemen? Dat is niet de zege, doch het failliet van vrijheid. Dat lijkt wel eens een debat waard van iets meer dan drie minuten of twee kolommen.

http://www.knack.be
26 januari 2015

Kankerjournalistiek

Recente grote maatschappelijke wantoestanden kwamen niet aan het licht via Vlaamse media. Die misten, om enkele gevallen te noemen, compleet de zaken  L&H,  Dexia,  Arco,  Fortis of Electrawinds. Ze liepen er achter aan. Kritische pers? Waakhond van de democratie? Grote journalistieke aandacht voor het schandaal nadàt het zich had voorgedaan,  maar kritische observatie van de maatschappelijke werkelijkheid? Kom toch!

De hoofdredacteur van de Financial Times had, in zijn krant, in april 2009, de moed om het journalistiek falen van zijn krant te benoemen: “We were with our head in the clouds, asleep at the wheel”. Neen, de financiële crisis hadden we niét zien aankomen, we brachten keurig en routinematig verslag maar waren niet in staat gebleken om iets ernstiger of diepgaander te analyseren. Een uitzonderlijke blijk van nederigheid in het journalistiek milieu.

Zou het van de weeromstuit zijn dat media nu de andere zijde opschieten? Dat ze durven, zoals dat heet, Maar het verkeerd gevecht kiezen, dat van de snelle voorpagina. Sensationeel maar soms totaal foutief, soms minstens ernstig onevenwichtig. Een kleine greep voorbeelden.

Honderden geneesmiddelen niet werkzaam of onveilig (DS 17 februari 2014): oei, overgeschreven  van inmiddels in Frankrijk geschorste artsen. Nooit rechtgezet. Baron Dilip Mehta van Rosy Blue is aangehouden (DS 10 juli 2014): jammer, persoonsverwisseling! Recht van antwoord gepubliceerd. BBI voert onderzoek naar fiscaal misbruik bij Studio100 (DT 23 mei 2014): oei, fiscale administratie zet verkeerd bericht recht.  Reynders naar Europa (DM 3 sept. 2014): verkeerd gegokt, het werd Marianne Thyssen.  Toprestaurants gebuisd (DS 22 januari 2014): jammer, met 19,5 op 20 waren ze met lof van de jury geslaagd. Uplace vergroot kans op kanker (DM 12 februari 2015): ai ai ai, uit een complexe vergunningsprocedure één gelekt citaat halen van één expert: met zulke analyse moeten minstens alle luchthavens, spoorwegen, grote industriecomplexen, en autoverkopers hun boetiek sluiten.

Het valt op dat media meer belangstelling hebben gekregen voor de private sector. Ook ondernemingen moeten maatschappelijk verantwoord handelen en zijn verantwoordingsplichtig, dat weten ze vandaag zonder uitzondering. Sommigen hebben het in hun DNA, daar geven media weinig aandacht aan, sommigen leerden het nog niet, dat krijgt veel aandacht, andere leerden het hardleers of spontaan – met wisselvallige media-aandacht.

Consistente en onderbouwde aandacht voor ondernemers en investeringsinitiatieven kan beter – a fortiori in tijden van sociale onrust en agitatie. Wonderlijk hoe snel de notie “de rijken” gemeengoed werd, of vermogenswinstbelasting. Maar ondernemerschap? Risico nemen? Investeren? Jobcreatie? Voeden media het debat hierover voldoende, of blijven ze te vaak aan de oppervlakte? Denken ze dat ze met radicale wit-zwart-opiniëring  complexe thema’s kunnen behappen? Kunnen ze boven de steekvlam van de dag uit, of blijft de bunzenbrander essentieel redactioneel alaam?

De échte paradox is dat een samenleving waarin ondernemingen de motor zijn van waardecreatie, ondernemersinitiatief altijd complexer en moeilijker heeft gemaakt, bijna ontmoedigd. Wie gaat de verloren jobs van de vroegere industriële generaties – mijnen, textiel, auto-assemblage – in de toekomst creëren? Waar gaan jongeren van vandaag in de toekomst hùn welvaart vinden? Het makkelijk verhaal is kritiek op ondernemen, op elk ondernemingsinitatief, daarin excelleren redacties ongetwijfeld. Het moeilijk verhaal is de verzoening van alle maatschappelijke verwachtingen en ondernemingsinitiatieven. Dat verhaal vergt luciede politieke, economische en syndicale leiders, die op hoog niveau van gedachten kunnen wisselen met ondernemers die willen investeren. De sleutelwoorden zijn visie, leiderschap, vertrouwen.

Dergelijk klimaat vergt topjournalistiek, en daar ligt een fenomenale vacature voor journalistiek. Steengoede journalistiek, kritische journalistiek. Maar wel journalistiek die geen genoegen neemt met ’n lek hier en ’n ingefluisterde belangenbehartiging daar. Journalistiek die nog een dossier durft te bestuderen  – liefst toch iets meer dan ’n uurtje getelefoneer door een junior redacteur of redactrice. Journalistiek die nog durft te vertrekken van een volwassen inzicht in de beperktheid van de eigen kennisbasis. Journalistiek die nog ambitie toont voor maatschappelijke vooruitgang en oplossingen. Journalistiek die kritische zin kan verzoenen met grondig inzicht in drijvers van welvaartscreatie. Journalistiek die diepe kennis heeft van ondernemersinititiatief, risico en jobcreatie,  én van de drijvers van tegenwerking.

Journalistiek die buitensporige grofheid durft te overstijgen ten voordele van een goed gevoed en evenwichtig maatschappelijk debat. We hebben er sporen van en sprankels, maar het is niet de hoofdtoon. Waarom niet?

Nog maar drie weken geleden werd voor zulke mediavrijheid massaal betoogd. Of was het toch maar voor de extremen en de pastiche, en zagen de demonstranten niet het belang van en de moed die nodig is voor degelijke, professionele en toekomstgerichte  journalistiek?

Hier bij ons genieten we van onwaarschijnlijk ruime vrijheid voor journalistiek. Die luxe is er, en we zijn daarmee in de top van een kleine minderheid van landen. Waarom wordt die nog zo vaak misbruikt voor mediocriteit, afrekeningen, intentieprocessen en combinaties van halve waarheden en hele leugens? Met excellentie als streefnorm van een redactie is toch niets mis?

http://www.knack.be 12.02.2015